De Volkswagen Kever is gebouwd van 1938 tot 2003 — ruim 65 jaar! In totaal zijn er 21.529.464 exemplaren van gebouwd, waarmee de Kever de vierde meest gebouwde auto aller tijden is. Aanvankelijk heette de Kever “Type 1”, maar later werd de naam Kever gebruikt. Wist je dat de “1” in elk Kever-chassisnummer nog steeds verwijst naar “Type 1”?
Door de jaren heen zijn er verschillende Volkswagen Kever modellen en soorten gebouwd. Hieronder zetten we ze allemaal voor je op een rij, van het allereerste prototype uit de jaren dertig tot de laatste Mexicaanse Kevers in 2003.
Overzicht van alle Kever modellen
- Prototype / Type 1 Kever (1938–1945)
- Brilkever (1945–1953)
- Hebmüller Cabriolet (1946–1952)
- Ovaal Kever (1953–1957)
- Karmann Cabriolet (1949–1981)
- Kever met vierkante achterruit (1957–2003)
- 1964: nieuwe raam- en deurstijlen
- 1967: introductie staande koplampen
- Speciale edities
- Kever 1302 (1970)
- Kever 1303 (1972)
- 1978: einde Kever productie in Duitsland
- Brazilië en Mexico (tot 2003)
Prototype / Type 1 Kever (1938–1945)
De allereerste prototype Kevers ontstonden in de jaren dertig. Vanaf 1938 rolden de eerste exemplaren van de productielijn. Deze vroege Kevers hadden een 25 pk motor, moesten 100 km/u kunnen rijden en beschikten nog niet over een achterraam.
Brilkever (1945–1953)
Na de Tweede Wereldoorlog werd de Kever voorzien van een gespleten achterraam, zodat het zicht naar achteren verbeterd werd. Dit gespleten achterraam gaf de Kever zijn bijnaam: de Brilkever — in het Duits ook wel “Brezel” genoemd. De Brilkever had nog remkabels en een rol gaspedaal.
Wil je meer weten over dit bijzondere model? Lees ons uitgebreide artikel over de Brilkever.

Hebmüller Cabriolet (1946–1952)
Naarmate het succes van de Kever groeide, bestelde Volkswagen een cabrioletversie. Omdat er onvoldoende ruimte was in de eigen fabrieken, gaf VW de opdracht aan de externe chassisbouwer Hebmüller. Dit bedrijf bouwde circa 700 stuks — totdat de fabriek afbrandde en het bedrijf failliet ging.
Door de zeer geringe aantallen zijn de Hebmüller Cabriolets tegenwoordig uiterst zeldzaam en erg kostbaar. Ze behoren tot de meest exclusieve Kever-varianten ooit gebouwd.
Ovaal Kever (1953–1957)
De Brilkever had een te klein achterraam, wat de veiligheid beperkte. In 1953 werd het achterraam maar liefst 50% groter gemaakt. De ruit kreeg een ovale vorm — en zo was de Ovaal Kever geboren. In Duitsland wordt dit model liefkozend een Ovali genoemd.
Technisch veranderde ook het nodige: de motor groeide van 25 naar 30 pk, en hydraulische remmen en een modern gaspedaal deden hun intrede.

Karmann Cabriolet (1949–1981)
In 1946 vroeg Volkswagen zowel aan Hebmüller als aan Karmann een cabrioletversie te ontwikkelen. Waar Hebmüller koos voor een 2-persoonsvariant, ontwierp Karmann een ruimere 4-persoons cabriolet. Na de brand bij Hebmüller nam Karmann de volledige cabrioletproductie over.
Van elk Kever-model bouwde Karmann cabriolets in de eigen fabriek in Osnabrück. De allerlaatste cabriolets van het type 1303 rolden in januari 1981 van de band — een productieperiode van maar liefst 32 jaar.

Kever met vierkante achterruit (1957–2003)
Medio 1957 werd het achterraam opnieuw vergroot — ditmaal nog eens 50%. Het welbekende rechthoekige achterraam deed zijn intrede en zou de Kever tot het einde van de productie definiëren. In de jaren erna werden regelmatig verbeteringen doorgevoerd: betere motoren, tochtraampjes, uitgebreider interieur en knipperlichten.
Vanaf deze periode werden Kevers ook met uitvoeringsletters geleverd. Een A-model was een Spaarkever, een L-model een Luxe variant.
1964: nieuwe raam- en deurstijlen
In 1964 veranderden de dikke raam- en deurstijlen — bekend van o.a. de Herbie-films — naar slankere vormen. Hierdoor werden de raampjes en het voorraam groter, en kreeg de Kever een modernere uitstraling. In 1965 en 1966 volgden ook motoruitbreidingen: een 1300cc en 1500cc motor deden hun intrede, zodat de Kever beter kon meekomen in het moderne verkeer.

1967: introductie staande koplampen
In 1967 onderging het voorkomen van de Kever opnieuw een grote wijziging. De liggende koplampen werden vervangen door staande koplampen, wat het gezicht van de Kever ingrijpend veranderde. Dit kenmerk maakt het makkelijk om latere Kever-modellen direct te herkennen.

Speciale edities van de Volkswagen Kever
Volkswagen bracht door de jaren diverse speciale edities uit — Kevers in een unieke uitvoering, gedurende een beperkte periode gebouwd. Bekende voorbeelden zijn:
- Silver Bug — een zilvergrijs gelakte uitvoering
- Triple White — witte lak, wit interieur én wit cabrioletdak
- Weltmeister (1972) — gebouwd ter ere van de 15 miljoenste Kever én het wereldrecord als meest geproduceerde auto. Alleen verkrijgbaar in februari en maart 1972, als 1302-model met speciale velgen (de befaamde Weltmeister-velgen)
- Jeans Kever / Jeans Bug — de meest bekende speciale editie: een Spaarkever met zwarte wieldoppen en een interieur bekleed met spijkerstof

Kever 1302 (1970)
In 1970 introduceerde Volkswagen de Kever 1302, uitgerust met de onafhankelijke McPherson-voorwielophanging. Dit leverde een betere wegligging en meer rijcomfort op. Door de grotere voorwielophanging moest de motorkap omhoog, wat resulteerde in de kenmerkende bollere kofferklep.
Een ander voordeel: doordat de Kever geen vaste vooras meer had, kon het reservewiel plat in de kofferruimte liggen in plaats van staand. De 1500cc motor maakte plaats voor de krachtigere 1600cc motor.

Kever 1303 (1972–1978)
De 1302 bracht comfort, maar het interieur was nog ouderwets. In 1972 werd dit opgelost met de introductie van de Kever 1303. Dit model kreeg een modern, groot dashboard, waardoor ook de voorruit een bolle, gebogen vorm moest krijgen. De ronde voorruit is het meest kenmerkende uiterlijke verschil tussen de 1303 en alle eerdere Kever-modellen.
De Kever 1303 werd tot 1978 in Duitsland geproduceerd.

1978: einde van een tijdperk — laatste Kever in Duitsland
Volkswagen kon lang teren op het succes van de Kever, maar werd ingehaald door concurrenten met modernere, zuinigere en luxere modellen. In januari 1978 viel definitief het doek voor de gesloten Kever in Duitsland: de laatste exemplaren rolden van de band in de VW-fabriek in Emden. In Wolfsburg was men al eerder gestopt met de Kever-productie, om ruimte te maken voor de nieuwe Golf en Passat.
De productie van de Kever 1303 Cabriolet bij Karmann in Osnabrück liep nog door tot januari 1980.
Brazilië en Mexico: de Kever tot 2003
Nadat de Kever-productie in Duitsland eindigde, werd de productie van gesloten Kevers voortgezet in Brazilië en Mexico. In de jaren negentig nam de vraag sterk af, en op 30 juli 2003 werd de allerlaatste Kever gebouwd.
De Braziliaanse en Mexicaanse Kevers waren qua bodem en chassis nog vrijwel identiek aan de Duitse modellen, al was het plaatwerk van mindere kwaliteit. De interieurdelen kwamen overduidelijk uit de Golf II en Golf III-onderdelencatalogus. Met de productiestop in 2003 kwam het totale aantal gebouwde Kevers uit op 21.529.464 exemplaren.
De Kever was tot 2002 de meest verkochte auto ter wereld — totdat de Volkswagen Golf de titel overnam.